Ontslaping van de Moeder Gods (Liturgikon, p.270-272)
Eerste Antifoon
Tweede Antifoon
Derde Antifoon
Tropaar (Toon 1)
Kondak (Toon 2)
Prokimen (Toon 3)
Machtigen heeft Hij neergehaald van de troon, maar geringen heeft Hij verheven. Want Hij heeft neergezien op de geringheid Zijner dienstmaagd; want zie, van nu af zullen alle geslachten mij zaligprijzen. Fil. 2;5-11
Alleluia
Sta op, Heer, ga in tot Uw rust: Gij en de Ark Uwer heiligheid. De Heer heeft naar waarheid gezworen aan David, Hij zal het zeker gestand doen: Vrucht van uw lichaam zal Ik plaatsen op uw troon. Luk. 10;38-42, 11;27-28