Alias¶
Een alias is een voor mensen leesbare naam of werknaam voor een entiteit in het
vier-niveaumodel — zangstuk, variant, uitvoeringsvorm of
representatie. Op de invoergrens (zoeken, UI, CLI, soms yaml-invoer) mag
een alias gebruikt worden; vóór opslag, paden of bron:…-referenties zet een
resolver die om naar het canonieke id (^[a-z0-9_-]+$).
| Status | Voorbeeld |
|---|---|
| Ja | "Groningen" → uitvoeringsvorm-id groningen |
| Ja | "1e antifoon weekdagen" → zangstuk-id antifoon-1-weekdagen |
| Ja | "Касторский" / "koormap 15c" → variant-id kastorski |
| Nee | Het canonieke id zelf in opslag (groningen in pad of yaml) — dat is geen alias-laag |
| Nee | Twee verschillende entiteiten in dezelfde scope met dezelfde alias-tekst |
Motivatie¶
Zangers en beheerders denken in herkenbare namen (“Hemelum”, “eerste antifoon”), niet in machine-ids. Zonder aliassen zou iedereen overal lowercase ids moeten typen — foutgevoelig en onvriendelijk. Met aliassen blijft de technische laag stabiel (canonieke ids in git en builds) terwijl de menselijke laag natuurlijk Nederlands, Engels of Cyrillisch mag gebruiken.
De scheiding opslag ↔ invoer (en de eis van eenduidigheid binnen scope) voorkomt dat “Groningen” stilzwijgend naar de verkeerde uitvoeringsvorm wijst.
Gerelateerd¶
- canoniek id — wat de alias resolve’t (opslagvorm)
- Id-velden van zangstuk, variant, uitvoeringsvorm, representatie
- herkomst — niet hetzelfde: herkomst is metadata over oorsprong, geen zoeknaam
- Catalogus-resolver /
zoek=— praktijkinvoer die aliases gebruikt - Zangstukmodel §2 (vorm, scope, matching); gangbaar gebruik in §3